Theatermaakster Emmelie Zipson
De biografie van actrice, zangeres en
theatermaker Emmelie Zipson laat je haast duizelen. Wat een uitgebreide CV kan
iemand in zijn leven opbouwen! Voor haar ontwikkeling als actrice blijft Zipson
nog steeds uitstapjes maken naar andere genres, maar nu concentreert ze zich
grotendeels op haar kleinkunst en muziektheatervoorstelling Bloed Link, dat op
dit moment in de Nederlandse theaters speelt. Wij hadden een gesprek met
Emmelie over haar werk. De voorstelling Bloed Link gaat voor een groot deel over je afkomst. Vind je het niet eng om details uit je leven te delen met onbekende mensen, je publiek?
“Nee, het is juist een doel om met mijn liederen, verhalen en scènes contact te maken met het publiek. Ik heb het publiek nodig. De ontwikkeling van het maakproces is eigenlijk veel spannender. Het vertrekpunt voor deze voorstelling was op zoek gaan naar mijn Russische roots, het land van mijn voorouders. Hierdoor ga je onvermijdelijk een confrontatie met jezelf aan. Als maker ga je wel dan wel ergens doorheen. Maar op het moment dat ik voor het publiek mag spelen, kan ik bijna niet wachten. Ondanks die eeuwige zenuwen, voel ik me heel sterk, en wil ik laten zien wat ik gemaakt heb."
Vorig jaar speelde je een aantal try-outs van Bloed Link, toen heette het nog Nieuw Bloed. Wat is er veranderd, naast natuurlijk de naam?
"Nieuw Bloed was mijn nieuwe voorstelling in seizoen 2010-2011. In dat jaar gebeurde er echter heel veel. Ik veranderde van impresariaat, maar het belangrijkste was dat de voorstelling nog niet klaar was. Ik heb in de zomermaanden heel veel nagedacht, geschreven en met heel veel mensen gesproken. Het resultaat was een hele andere voorstelling. Nieuw Bloed was toen eigenlijk een verkeerde titel. Daarom heb ik er Bloed Link van gemaakt."
Hoe bereid je een voorstelling als Bloed Link voor?“Ik begin met het verzamelen van zo veel mogelijk materiaal over de thema’s (beelden, documentaires, boeken, films en veel muziek), en veel gesprekken voeren met een coach/regisseur. Vervolgens ga ik zelf aan de slag met schrijven en het creëren van eigen scènes, teksten, acts etc. Zo heb ik bijvoorbeeld het internetbruid liedje ‘Contact’ geschreven aan de hand van een bestaande documentaire over Russische internetbruiden. Maar ik kijk ook heel veel om me heen op straat, in de supermarkt en ook in de trein ben ik mensen aan het bestuderen. Ik luister dan naar wat ze zeggen, hoe ze het zeggen. Van al die indrukken construeer ik personages.
Foto: Daniella Rous
Daarnaast ben ik altijd op zoek naar bijzondere nummers. Voor Bloed Link heb ik gekozen voor allerlei talen (Nederlands, Engels, Jiddisch en Russisch natuurlijk). In het begin denk je, ‘waar gaat dit heen’ zoveel verschillende liedjes en stijlen. Vervolgens ga je kijken wat bij wat past; welke tekst of scene bij welk liedje.
In eerste instantie luister ik heel associatief naar nummers, wat roept de muziek bij me op, wat voor sfeer. In een later stadium kijk ik of die sfeer past bij wat ik met de voorstelling voor ogen heb. Ik zing bestaande liedjes, maar ik vertaal ook teksten van nummers. Het leuke daaraan is dat je een lied helemaal eigen kunt maken. Het wordt dan jouw verhaal op een prachtige bestaande melodie. Inmiddels schrijf ik ook eigen liedjes, dat begint vaak eerst met een idee voor een tekst en dan de muziek, vaak ondersteund door één van mijn muzikanten.
Ik
werk altijd met een regisseur, vaak in een vroeg stadium, zodat hij/zij
feedback kan geven op de inhoud en het materiaal. Een deels coachende rol dus. Coaching
door een regisseur is erg prettig, want kleinkunst is nu eenmaal een genre
waarbij alles kan. Daarnaast werk ik met een heel team van muzikanten, een
bewegingscoach, kostuum, decorontwerpers en een technicus. Hierdoor hoef ik me
niet op alles te richten en ligt de focus op het schrijven en repeteren. Het is
heel fijn om met zo’n team te werken, soms dragen zij ideeën aan waar ik zelf
nooit op was gekomen."

Foto: Bas de Boer
Hoe voelde het om een heel positieve
recensie te krijgen van Parool?
“Dat is te gek! Die erkenning is even heel fijn en belangrijk. “Boem!” en
“Queen of Hearts”, mijn vorige twee voorstellingen, kregen beide alleen web
recensies. Daar was ik al blij mee, maar een gedrukte recensie in een gerenommeerd
dagblad is helemaal mooi. Goede feedback en landelijke publiciteit heb je als
artiest hard nodig om naamsbekendheid te krijgen en om de voorstelling onder de
aandacht te brengen bij een groter publiek. Het is heerlijk om voor tien mensen
te spelen, maar het liefst wil ik natuurlijk voor een volle zaal spelen. Het
gaafste is als je diezelfde intimiteit voor een kleine groep mensen, ook kunt
overbrengen op een zaal met tweehonderd mensen.”
En hoe ga je om met minder goede kritieken?
“Uiteraard
naar luisteren, maar niet te lang. Het je kan afleiden van hetgeen je wilt
maken. Inmiddels heb ik geleerd om te zeggen “dankjewel, ik neem het mee en zal
erover nadenken, haha’’. Iedereen heeft altijd een mening: positief of
negatief. En dat respecteer ik ook. Voor mij is heel belangrijk om dicht bij mezelf
te blijven. Ik heb een paar mensen om me heen verzameld wiens mening ik vertrouw
en met wie ik die kritieken, positief en negatief, kan bespreken."
Na de Amsterdamse Toneelschool en
Kleinkunst Academie, heb je een Master in Theatermaken in Londen gevolgd, een
compleet contrast met de vele autodidacten uit de business.
“Toen ik eenmaal begon met acteren, wilde ik niet meer stoppen met leren.
Je kunt zelfs een PhD-opleiding volgen om Theatre Practitioner te worden. Dat
heb ik niet gedaan.
Was Engeland heel verschillend van hoe ze in Nederland les geven?
“Toen ik op de toneelschool werd aangenomen was alles nieuw en heftig. Ik had het moeilijk op school, omdat ik moeite had mijn draai te vinden. Op de toneelschool gaat het allemaal om jou, jij bent je eigen materiaal. Ik nam alles persoonlijk op. Gelukkig waren er een aantal leraren die ontdekten dat ik een talent had voor comedy. Ze adviseerden mij om kleinkunst te gaan doen. Toen ik daar kwam heb ik mijn grappige kant en mijn zang kunnen ontwikkelen. Dat had ik tot dan toe niet eens geprobeerd.
Het verschil tussen Engeland en Nederland is dat daar een enorme theatercultuur is. Verder ben ik half Engels en ben ik bekend met de typische humor en timing. Dat wilde ik proeven. Ik ben naar de Central School of Speech and Drama gegaan en heb ik gekozen voor een Master in Theatermaken. Daarin waren tien disciplines verwerkt. Ik koos voor de richting acteur, maar werkte samen met regisseurs, dramaturgen, lichtontwerpers, poppenspelers enzovoort. We vormden kleine gezelschappen en maakten eigen producties. Daar heb ik het produceren geleerd en dat zou je hier in Nederland niet leren. Daarnaast kreeg ik Engeland het inzicht dat mijn aandeel als speler een onderdeel van het geheel is, één van de belangrijkste dingen die ik daar heb geleerd."
Zou je weer terug willen gaan naar Engeland om te werken?
“Heel graag zelfs. Ik heb geprobeerd na mijn studie voet aan de grond te krijgen. Je komt daar alleen niet aan de bak zonder een agent en het is erg moeilijk om die te vinden. Ik kreeg een rol in een jeugdvoorstelling in Nederland en koos hiervoor. Ik wilde graag weer werken na al die jaren studie.
De droom om naar Groot-Brittannië te gaan blijft, ik zou graag op het Festival van Edinburgh spelen. Dat is zoiets als De Parade, maar dan heel groot, het grootste fringe festival van Europa. Daar kan iedereen staan, maar je hebt wel een boel geld nodig voor de huur van de zaal, reclame, enzovoort."
Je bent tijdens en na je studie terug naar TV
gegaan (o.a. Finals, Juliana). Wat bracht je weer terug naar televisie?“Alles wat met acteren te maken heeft vind ik leuk. Natuurlijk heb ik wel een voorkeur voor theater, daar is het tenslotte allemaal begonnen. Theater is live en elke avond is weer spannend en nieuw. Televisie en film is een heel andere manier van spelen en ook heel erg leuk om te doen! Toevallig draaide ik gisteren op een filmset voor een film van een student aan The Colombia University in New York. Door de lengteverschillen tussen mijn tegenspeler en mij, en om het plaatje beter passend te maken moest ik op een kistje staan en iets door mijn knieën zakken. Dat voelt heel onnatuurlijk en idioot, de uitdaging is dan om toch heel natuurlijk te spelen, terwijl ik me net een boskabouter voel.
Bij televisie en film weet je eigenlijk pas wat je gedaan hebt als het afgemonteerd is. En er staan heel veel crewleden om je heen terwijl je staat te spelen, dat blijft ook heel gek.
Het
klinkt cliché maar de combinatie van theater en televisie is gewoon heel erg
leuk en daarnaast word je er een betere en flexibelere acteur van.”
Als het een succes blijkt te zijn, ben je dan van
plan om een reprise te plannen voor Bloed Link, of wil je dan liever aan een
nieuwe voorstelling werken?
“We
zullen Bloed Link zo’n vijftien keer spelen tot april dit jaar. Daarna gaat de
voorstelling in reprise tussen oktober 2012 en maart 2013."
Theaterboekingen
lopen via www.kapteinproducties.nl,
en daarnaast is de voorstelling
als huiskamerconcert te boeken via www.demecenas.nl.
Kijk voor alle speeldata en het laatste nieuws op www.emmeliezipson.nl
Facebook: www.facebook.com/emmelie.zipson
Twitter: www.twitter.com/emmeliezipson
Wil je kans maken op twee vrijkaarten voor Bloed Link in het Rozentheater Amsterdam op 4 februari? Klik hier voor deelname.







Nieuwe reactie plaatsen